Ik ben momenteel op vakantie in Tenerife en zoals altijd wanneer ik hier ben, probeer ik mijn dag te beginnen met zwemmen. We hebben hier een geweldig zwembad van 25 meter en ’s morgens trek ik daar mijn 60 tot 80 lengtes. Heerlijk. Zeker als ik het zwembad bijna voor mij alleen heb en mijn hoofd ondertussen rustig wakker kan worden.
Nu gelden er rond dat zwembad natuurlijk ook regels: geen glazen flessen, geen huisdieren, geen balspelletjes in de pool area en geen opblaasbare attributen in het water. Geen idee of een gigantische roze flamingo officieel onder “opblaasbare toestanden” valt, maar ik vermoed van wel. 😉
Die regels hangen er trouwens niet om ons het leven zuur te maken. Een glazen fles kan breken, balspelletjes kunnen andere mensen storen en als iedereen zijn opblaasbare krokodil, flamingo en eenhoorn in het water gooit, wordt mijn rustige 25-meterbad al snel zoiets als Plopsaland.
Soit, duidelijke regels dus.
Tot de presidente van de residentie naar huis vertrok.
Kijk, daar waren ze plots weer: de opblaasbare attributen in het zwembad. Mensen die perfect wisten dat het niet mocht, maar blijkbaar dachten: “Zij is er toch niet, dus nu kan het.”
Ik stond ernaar te kijken en dacht bij mezelf: hoe oud zijn we eigenlijk?
Het deed me denken aan kinderen die wachten tot mama of papa de kamer uit is om dan snel tóch dat snoepje te nemen. Maar ondertussen zijn we volwassen en hebben we een hypotheek, een auto en waarschijnlijk ergens een document waarop staat dat we toerekeningsvatbaar zijn.
Maar leg ons een regel op en bij sommigen komt de rebel van acht jaar spontaan weer naar boven.
Regels zijn blijkbaar vooral leuk voor andere mensen.
Het fascineert me hoe creatief mensen kunnen worden wanneer een regel hen niet goed uitkomt.
“Je mag dat niet.”
“Ja, maar …”
En daar gaan we.
Er komt een uitleg waarom het in dit specifieke geval toch anders is. Waarom de regel waarschijnlijk niet helemaal zo bedoeld werd. Waarom het eigenlijk niemand stoort. Waarom het maar voor eventjes is. Of mijn persoonlijke favoriet: waarom het technisch gezien eigenlijk niet tegen de regels is.
Ik moest daarbij denken aan wat ik onlangs las over Ruben Van Gucht tijdens zijn deelname aan De Verraders. De deelnemers kregen daar duidelijke regels opgelegd. Geen horloge dragen bijvoorbeeld. Dus wat deed Ruben? Hij stak zijn horloge in zijn zak. Tja. Je draagt het dan inderdaad niet. 😉
Hij mocht ook niet online gaan en had een laptop mee. Zelfs een tweede laptop, zodat hij er eentje kon afgeven als hij betrapt werd.
Het deed me stiekem lachen omdat het zó herkenbaar menselijk is. We weten meestal perfect wat met een regel bedoeld wordt, maar als hij ons niet goed uitkomt, gaan we plots onderhandelen met de lettertjes.
En eerlijk? Ik heb veel liever dat we ons innerlijke kind op een andere manier naar boven halen. Ga van die glijbaan. Dans in je keuken. Spring in de golven. Eet een ijsje voor het avondeten. Doe eens iets compleet zots waar niemand last van heeft. Je hoeft niet tegen elke regel te schoppen om jezelf vrij te voelen.
Waarom hebben we eigenlijk zoveel moeite met regels?
Een deel daarvan heeft volgens mij te maken met autonomie. We bepalen graag zelf wat we doen. Zodra iemand anders zegt dat iets niet mag, kan er weerstand ontstaan. Niet eens omdat we datgene per se wilden doen, maar gewoon omdat iemand ons vertelt dat het niet mag.
Zeg tegen een kind dat het absoluut niet aan die rode knop mag komen en plots wordt die rode knop het interessantste voorwerp in de hele kamer. Blijkbaar groeit niet iedereen daar volledig uit. 😉
Bovendien zijn we bijzonder goed in het aanpassen van regels aan onze eigen situatie. Die snelheidsbeperking geldt natuurlijk voor iedereen, maar jij bent te laat. Geen glazen aan het zwembad? Ja maar, jij belooft echt wel voorzichtig zijn.
En zo wordt een algemene regel plots een persoonlijk voorstel waarover nog onderhandeld kan worden.
“Maar ik vind die regels belachelijk.”
Dat kan.
Er bestaan absoluut regels waarvan ik ook denk: wie heeft dat nu weer bedacht? Zo was er in onze buurt plots een hele wijk waar je enkel 30 km/u mocht rijden! 30 km! Gelukkig hebben ze die regel ondertussen aangepast. Je hoeft het trouwens niet eens te zijn met elke regel. Je mag je er vragen bij stellen en als een regel echt nergens op slaat, mag je ze wat mij betreft ook proberen te veranderen.
Maar er is een verschil tussen een regel in vraag stellen en beslissen dat hij daarom niet meer voor jou geldt.
Als op een weg 70 km/u verplicht is, dan rijd je 70. Je kan onderweg gerust een uitgebreid betoog houden over waarom daar volgens jou perfect 90 gereden zou kunnen worden, maar dat verkeersbord verandert daardoor niet plots in een vrijblijvende suggestie.
Hetzelfde geldt voor afspraken op het werk, regels in een hotel, voorschriften aan een zwembad of zelfs de spelregels van Uno.
Alhoewel … Uno is misschien een slecht voorbeeld: volgens mij bestaat er geen enkel gezin ter wereld dat exact dezelfde regels hanteert. 😉
Als iedereen ermee akkoord gaat om een regel aan te passen, prima. Dan maak je samen een nieuwe afspraak. Zelf beslissen dat een regel voor jou niet geldt, is iets anders.
Maar toch willen we dat anderen onze regels respecteren.
Dit vind ik misschien nog het meest fascinerende.
Dezelfde persoon die denkt: “Ach, die regel aan het zwembad, wat maakt het uit?”, kan vijf minuten later ontzettend kwaad worden omdat iemand te dicht bij zijn handdoek gaat liggen.
We willen dat mensen onze grenzen respecteren, afspraken nakomen, onze spullen niet zomaar gebruiken en rekening met ons houden. Maar wanneer een regel van een ander ons beperkt, komt er plots een “ja maar”.
Misschien moeten we ons daarom af en toe een andere vraag stellen. Niet alleen: “Vind ik deze regel logisch”? Maar ook: “Hoe zou ik erover denken als iemand mijn afspraken alleen respecteert wanneer ik erbij sta?”
Mijn mama zei vroeger vaak: “Doe een ander niet aan wat je zelf niet aangedaan wil worden.”
Een simpel zinnetje. Maar het dekt verrassend veel.
Moeten we dan allemaal brave regelvolgers worden?
Nee hoor. Dat zou ik zelf waarschijnlijk nog geen week volhouden. 😉
Ik hou van mensen die kritisch denken, vragen stellen en niet zomaar alles aannemen omdat iemand met een belangrijke titel het gezegd heeft. Heel wat dingen zijn net veranderd omdat mensen bestaande regels terecht in vraag hebben gesteld.
Maar kritisch denken is iets anders dan: “Ik doe gewoon waar ik zin in heb.”
Vind je een regel fout? Stel hem dan in vraag. Bespreek hem. Probeer hem te veranderen. Maar zolang we samen afgesproken hebben dat die regel er is, lijkt het me niet zo ingewikkeld om hem gewoon te volgen. Zeker wanneer hij ervoor zorgt dat iedereen van dezelfde ruimte kan genieten.
Morgen sta ik dus opnieuw in het zwembad. Zestig, misschien tachtig lengtes, afhankelijk van hoeveel zin mijn armen erin hebben. En misschien zwemt er naast mij opnieuw een gigantische flamingo waarvan de eigenaar besloten heeft dat “geen opblaasbare toestanden” vast iets anders betekent.
Dan probeer ik mijn innerlijke achtjarige niet naar boven te halen. 😉
Of toch wel.
Maar dan gebruik ik haar om na het zwemmen met mijn voeten in het water te zitten, veel te hard te lachen en misschien daarna een ijsje te gaan eten op een uur waarop volwassen mensen volgens ongeschreven regels nog geen ijsjes horen te eten.
Kijk, sommige regels mag je van mij gerust overtreden. 😉
