Wat als meer zelfvertrouwen gewoon begint met anders te gaan staan?

Wie mij een beetje kent, weet dat ik fan ben van Grey's Anatomy. Ik heb ondertussen zoveel afleveringen gezien dat ik waarschijnlijk spontaan “10 milligram epi!” zou roepen als er naast mij iemand flauwvalt. Wat ik daarna precies met die epi moet doen, is een ander verhaal, dus bel voor alle zekerheid toch maar gewoon 112. 😉

Er is één scène die me altijd is bijgebleven: Dr. Amelia Shepherd staat op het punt om aan een moeilijke operatie te beginnen en vlak voor ze eraan begint, neemt ze een zogenaamde powerpose aan: voeten stevig op de grond, handen in haar zij en haar hoofd omhoog. Een beetje zoals Superman dus. Ik weet nog dat ik toen dacht: “Ha! Zij doet dat ook!”

Niet dat Amelia Shepherd echt bestaat natuurlijk, dat besef heb ik nog net 😉, maar die scène was voor mij zo herkenbaar omdat ik die powerpose zelf al jaren gebruik. Vooral wanneer ik me onzeker voel over iets, wanneer ik ergens heen moet waar ik tegenop zie of wanneer dat vervelende stemmetje in mijn hoofd zich afvraagt of ik dit eigenlijk allemaal wel kan. Op zo'n moment verander ik heel bewust mijn lichaamshouding. Ik ga rechter staan, breng mijn schouders naar achteren, kijk vooruit en zet mijn voeten stevig op de grond. De situatie verandert daardoor natuurlijk niet, maar toch merk ik dat er bij mij wel iets verandert.

Het idee achter die powerpose werd jaren geleden enorm bekend door sociaal psycholoog Amy Cuddy en haar TED-talk over lichaamstaal. Wat ik vooral interessant vond, was haar vraag of de relatie tussen onze gevoelens en ons lichaam misschien in twee richtingen werkt. We weten allemaal dat hoe we ons voelen, invloed heeft op onze lichaamshouding, maar zou onze lichaamshouding dan ook invloed kunnen hebben op hoe we ons voelen?

Denk maar eens aan iemand die onzeker een ruimte binnenkomt. De kans is groot dat die persoon zich wat kleiner maakt, met de schouders iets meer naar voren, de armen dichter tegen het lichaam en de blik misschien wat naar beneden. Liefst niet te veel plaats innemen en vooral niet te veel opvallen. Iemand die zich op dat moment zelfzeker voelt, komt meestal helemaal anders binnen. Die loopt rechter, kijkt meer voor zich uit, heeft een meer open houding en neemt gemakkelijker zijn of haar plaats in. We doen dat allemaal zonder dat we daar bewust bij stilstaan.

Dat vind ik net zo boeiend aan lichaamstaal. We besteden ontzettend veel aandacht aan wat de lichaamstaal van anderen ons vertelt, terwijl we veel minder stilstaan bij wat onze eigen lichaamshouding met ons doet. We denken meestal: ik voel me onzeker en daarom maak ik mezelf kleiner. Maar misschien kunnen we het ook omdraaien en denken: ik voel me onzeker, dus laat ik mijn lichaam alvast de houding aannemen van iemand die zich wat zekerder voelt.

Dat is precies waarom ik die powerpose gebruik. Niet omdat ik geloof dat al mijn onzekerheden verdwijnen wanneer ik twee minuten met mijn handen in mijn zij ga staan. Als het zo simpel zou zijn, dan zette ik iedereen die bij mij komt gewoon twee minuten als Superman in mijn praktijk en was de klus geklaard. 😉 Ik merk gewoon dat er iets verandert wanneer ik mijn lichaam bewust anders neerzet. Ik voel me sterker, meer aanwezig en minder geneigd om mezelf letterlijk én figuurlijk klein te maken.

Je hoeft daarvoor trouwens niet eens ergens als Wonder Woman te gaan staan. Let maar eens op je eigen houding terwijl je dit leest. Misschien zit je mooi rechtop en denk je nu: “Nele, met mijn houding is helemaal niks mis.” Proficiat, dan mag je gewoon verder lezen. 😉 Maar misschien zit je, zoals zoveel mensen wanneer ze naar een scherm kijken, een beetje voorovergebogen met je hoofd naar beneden en je schouders naar voren. Verander dan eens bewust van houding. Zet je voeten stevig op de grond, maak je rug wat langer, breng je schouders naar achteren en kijk recht voor je uit. Niet overdreven, je hoeft niet plots te poseren voor de cover van Vogue, maar gewoon wat meer open en rechtop.

Wat merk je?

Misschien niet meteen iets spectaculairs en dat hoeft ook helemaal niet. Het interessante zit voor mij net in dat kleine verschil. Je ademhaling kan wat vrijer stromen, je blik verandert en je neemt letterlijk wat meer ruimte in. Alleen al door je lichaam anders te houden, kan de manier waarop je jezelf op dat moment ervaart, veranderen.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over wat je uitstraalt met je houding naar andere mensen. Want net zoals jij onbewust de lichaamstaal van anderen leest, doen anderen dat natuurlijk ook bij jou. Stel dat twee mensen exact hetzelfde vertellen tijdens een sollicitatiegesprek. De ene zit wat ineengedoken, kijkt regelmatig naar beneden en houdt zijn armen dicht tegen het lichaam. De andere zit rechtop, kijkt de gesprekspartner aan en heeft een rustige, open houding. Zelfs als ze inhoudelijk hetzelfde zeggen, is de kans groot dat je hen anders ervaart.

Dat betekent niet dat je vanaf nu overal met je borst vooruit moet binnenstormen alsof het gebouw van jou is. Zelfvertrouwen is voor mij ook helemaal niet hetzelfde als dominant zijn of zoveel mogelijk plaats innemen. Het gaat er eerder om dat je jezelf niet voortdurend kleiner maakt dan nodig is. Dat je durft aanwezig te zijn en dat ook je lichaam laat zien dat jij daar gewoon mag zijn.

Dat laatste vind ik belangrijk, want wanneer we aan zelfvertrouwen werken, zoeken we de oplossing bijna altijd in ons hoofd. We proberen positiever te denken, onze gedachten uit te dagen, minder bezig te zijn met wat anderen van ons denken en onszelf ervan te overtuigen dat we iets wel kunnen. Daar is uiteraard niets mis mee, integendeel, maar ondertussen vergeten we soms dat er onder dat hoofd ook nog een volledig lichaam hangt dat voortdurend meespeelt.

Misschien herken je het wel wanneer je zenuwachtig bent voor een gesprek, een presentatie, een eerste afspraak of iets anders wat je spannend vindt. Je hoofd draait overuren en ondertussen zit je voorovergebogen naar je telefoon te kijken, je schouders naar voren, je lichaam helemaal gesloten terwijl je voor de twintigste keer je notities naleest. Je probeert jezelf mentaal moed in te spreken, maar je lichaam vertelt ondertussen een totaal ander verhaal.

Net op zo'n moment gebruik ik mijn powerpose. Ik probeer mijn zenuwen niet weg te krijgen en ik doe ook niet alsof ik plots nergens meer onzeker over ben. Ik geef mezelf gewoon twee minuten waarin ik bewust anders ga staan. Voor mij voelt dat een beetje alsof ik mijn lichaam laat zeggen: “Komaan Nele, je kunt dit.” Terwijl mijn hoofd misschien nog bezig is met het bedenken van redenen waarom het mis zou kunnen gaan.

Nu moet ik er wel iets bij vertellen over het onderzoek van Amy Cuddy. In haar oorspronkelijke TED-talk vertelde ze onder andere dat twee minuten in een krachtige houding staan voor veranderingen in testosteron en cortisol zou zorgen. Die resultaten zijn later ter discussie gesteld en konden in vervolgonderzoek niet allemaal bevestigd worden. Ik ga je dus niet vertellen dat twee minuten Wonder Woman spelen je hormonen op magische wijze veranderen en je daarna als een compleet nieuw mens buiten wandelt.

Wat ik wel interessant blijf vinden, is het eenvoudige idee dat ons lichaam en hoe we ons voelen niet los van elkaar staan. We merken dat trouwens in zoveel andere situaties ook. Als we gespannen zijn, trekken we onze schouders op. Als we bang zijn, maken we ons kleiner. Als we verdrietig zijn, zakt onze houding vaak mee. En wanneer we ons fantastisch voelen, lopen we vanzelf rechter en kijken we meer om ons heen. Waarom zouden we die wisselwerking dan niet af en toe bewust in ons voordeel gebruiken?

Je hoeft mij daarvoor trouwens niet op mijn woord te geloven. Probeer het gewoon eens uit op een moment waarop je het nodig hebt. Niet nu je rustig thuis zit en er niets aan de hand is, maar vlak voor een spannend moment. Kijk dan eerst eens wat je lichaam automatisch doet en verander bewust je houding. Maak jezelf iets langer, zet je voeten stevig neer, open je schouders en kijk vooruit. Blijf zo een tijdje staan en merk vooral op wat het met jou doet.

Misschien denk je na twee minuten: “Nele, dikke zever, ik voel helemaal niks.” Ook goed. 😉 Maar misschien merk je wel dat je net iets anders die ruimte binnenstapt, dat je iets rustiger bent of dat je je wat sterker voelt dan twee minuten voordien. En soms is dat kleine verschil al voldoende om iets anders te doen dan je normaal zou doen.

Ik gebruik die houding ondertussen al jaren en ik weet dat ze voor mij werkt. Niet als magische truc en ook niet omdat ik mezelf wil wijsmaken dat ik nooit onzeker ben. Ik gebruik ze juist omdat ik soms wél onzeker ben en ondertussen heb geleerd dat ik op zo'n moment niet hoef mee te werken met mijn onzekerheid door mezelf ook letterlijk kleiner te maken.

Dus als je mij ooit ergens alleen ziet staan met mijn handen in mijn zij, mijn voeten stevig uit elkaar en mijn hoofd omhoog, hoef je je geen zorgen te maken.

Waarschijnlijk moet ik gewoon iets doen wat ik spannend vind.

Of ik heb weer te vaak naar Grey's Anatomy gekeken. 😉